Praten helpt-pot: vul de enquête in

In de week tegen kindermishandeling krijgt de Praten helpt-pot een plek in bibliotheken in de regio Hart van Brabant. De Praten helpt-pot is ontwikkeld door pedagogiek studenten van Fontys in opdracht van de Taskforce Kindermishandeling Hart van Brabant en de Bibliotheek Midden-Brabant. De studenten van de minor Jeugdhulp Specialist kregen de opdracht om in ‘De Week Tegen Kindermishandeling’, een product neer te zetten wat eraan bijdraagt om kindermishandeling bespreekbaar te maken.

Feedback is welkom! 

De praten helpt-potten staan vanaf 16 november in de bibliotheken. Heeft u de praten helpt-pot zien staan in de bibliotheek? De studenten zijn blij met uw feedback. Zodat dit product verder doorontwikkeld kan worden. Invullen van de enquête kost slechts 5 minuten van uw tijd.

Terugkijken: college Kansrijke start

In de week tegen kindermishandeling 2020 organiseerde de Taskforce Kindermishandeling Hart van Brabant een reeks colleges. Studenten, professionals en inwoners Hart van Brabant konden de livestream volgen en via de chat vragen stellen aan een expert.

In het eerste college van de week op maandag 16 november 2020 ging Frank van Pamelen in gesprek met Tessa Roseboom, hoogleraar Vroege ontwikkeling en gezondheid, over een kansrijke start voor ieder kind. Marijana Laus, projectleider Kansrijke start bij de GGD, verzamelde de vele vragen van de deelnemers.
Voorafgaand aan het college was de opening van de College Week door Marcelle Hendrickx, wethouder jeugd gemeente Tilburg, voorzitter van de Taskforce Kindermishandeling Hart van Brabant en ambassadeur van het Landelijke Programma Kansrijke Start.

> Onderaan deze pagina is het college terug te zien en ook de antwoorden op vragen die niet tijdens het college beantwoord konden worden. 

Kansrijke start

De preconceptieperiode, zwangerschap en de eerste twee levensjaren zijn cruciaal in de ontwikkeling van elk kind. Het merendeel van de kinderen maakt een goede start in het leven en groeit gezond op in een veilige en beschermde omgeving. Kinderen die in de eerste 1000 dagen van hun leven blootstaan aan risicofactoren zoals stress, slechte voeding, rook of mishandeling, beginnen met een achterstand. Hierdoor kunnen zij zich op fysiek, mentaal en sociaal gebied minder goed ontwikkelen. Voor de gezondheid en ontwikkeling van een kind zou het niet uit mogen maken waar zijn of haar wieg staat.

Door vroegsignalering en preventieve interventies in de eerste 1000 dagen maken meer kinderen kans op een goede start. Een kansrijke start voor zo veel mogelijk kinderen gaat ons allemaal aan: de kinderen zelf, hun ouders, zorgprofessionals, geboortezorg, de overheid, de samenleving, kinderopvang. Door de kwetsbaarheid vroeg te signaleren, af te stemmen en samen te werken kunnen meer kinderen veilig en gezond opgroeien.

Over de expert

Prof. dr. Tessa Roseboom is hoogleraar Vroege ontwikkeling en gezondheid aan de Universiteit van Amsterdam (AMC-UvA). Roseboom is gefascineerd door het concept dat de vroege omgeving de groei en ontwikkeling van de foetus beïnvloedt en daarmee de latere gezondheid bepaalt. Haar onderzoek naar de gezondheid van mensen die in de Hongerwinter werden geboren, is inmiddels wereldberoemd. Uit dit onderzoek bleek dat ondervoeding van de moeder blijvende negatieve gevolgen heeft voor de gezondheid van haar kind.

Over de presentator

Frank van Pamelen studeerde Letteren aan de Katholieke Universiteit Brabant en is schrijver, dichter en kleinkunstenaar. Op dit moment is hij o.m. columnist op NPO Radio 1 en bij Brabants Dagblad.

Terugkijken college
Vragen en antwoorden

Zit er een groot verschil in de nasleep van mishandeling bij kinderen van 0-3 jaar of kinderen met een oudere leeftijd?
Ja, vaak zijn de gevolgen van kindermishandeling op jonge leeftijd ernstiger dan op latere leeftijd. Andere factoren als mate waarin, duur, intensiteit en aard van de mishandeling spelen ook een rol.

Hoe denkt u met uw onderzoek/boek invloed te hebben op kindermishandeling?
Als de wetenschap aandacht heeft voor het onderwerp draagt dat bij aan kennis en bewustwording. Daarmee kan hopelijk meer kindermishandeling voorkomen worden. Mijn onderzoeken gaan over de nadelige ervaringen en invloed van kindermishandeling op de rest van je leven.

Welke therapie, behandeling of methode is het meest effectief gebleken om de gevolgen van kindermishandeling te beperken?
Daar is geen eenduidig antwoord op te geven. Therapie is maatwerk, onder andere afhankelijk van de persoon en omstandigheden.

60% van diegene die vroeger kindermishandeling heeft meemaakt worden later geen pleger van geweld. Hoe komt dat?
We weten niet precies hoe het komt, maar veel daders hebben in hun jeugd zelf het slechte voorbeeld gehad. Belangrijk is dat je gehoord wordt of hulp vraagt en krijgt. Dan is de kans kleiner dat je zelf dader wordt.

In de Scandinavische landen komt aanzienlijk minder kindermishandeling voor dan in Nederland. Eén van de factoren hierbij is de vanzelfsprekendheid van ouderschapscursussen voor nieuwe ouders. In Nederland wordt het om de 5 à 10 jaar ook geopperd en vervolgens weggehoond door de maatschappij en de politiek. Hoe kunnen we ouderschapscursussen positief op de kaart zetten, voor álle ouders?
Wij zijn voor! Opnieuw op politieke agenda krijgen. Taskforce gaat hiermee aan de slag.

Vindt u dat er op scholen, vrijetijdsbestedingen en sportclubs etc. genoeg gedaan wordt om vormen van kindermishandeling te signaleren? En wat zou er voor deze mensen nodig zijn zodat zij hier (nog) beter in kunnen slagen?
Signaleren in het algemeen moet en kan beter. Mensen moeten weten welke signalen kunnen duiden op kindermishandeling én ze moeten weten hoe te handelen: kennis en handelingsperspectief bieden dus. Men kan leren van goede voorbeelden hoe men in actie kan komen. Je hoeft geen hulpverlener te zijn om te vragen of het goed met iemand gaat. Je kan je zorgen delen. Op scholen zijn bijvoorbeeld zorgteams, waar professionals de school ondersteunt bij zorgvragen

Weinig therapeuten zijn ‘bekend’ met een behandeling voor emotionele verwaarlozing. Waarom is het zo moeilijk om emotionele mishandeling / geweld op de (hulp) agenda te zetten?
Geweld is nog steeds een moeilijk onderwerp, ook voor therapeuten.

Wat zijn mogelijkheden vanuit kansrijke start voor preventieve inzet?
Binnenkort volgt een overzicht aanbod op de website van de GGD

Nog een vraag heb gehoord bij congres kind en trauma dat een melding pas een melding wordt na 70 of 80 keer, er zijn dus 200.000 meldingen maar een melding wordt pas een melding na 70 of 80 keer bellen? Klopt dit en kan hier wat aan gedaan worden?
Klopt niet, gaat over 70 incidenten voordat de melding gedaan wordt (zie verwey-jonker onderzoek)

Zijn er cijfers bekend over meldingen dat het tijdens de zwangerschap al mis gaat, wat kun je dan doen? 
Is op dit moment nog niet bekend. Is onder de aandacht van Veilig Thuis

Er is meerdere keren benoemd dat ouders meer mogen zeggen dat opvoeden niet altijd makkelijk is. Erkenning krijgen van andere ouders is 1, maar als dat niet voldoende is waar moeten ze dan hun hulpvraag neerleggen? 
Dat kan op het consultatiebureau, bij de jeugdgezondheidszorg ( GGD) en bij de huisarts. Of je vraagt een naaste, die samen met jou naar mogelijkheden kan kijken. Ook hier hoef je niet gelijk aan een professional te denken, er zijn veel moeders met ervaring in de buurt die kunnen helpen. Dan moet er wel een vraag gesteld zijn.

Hoe combineer je dit netwerk rond het kind bij kinderen met een andere culturele achtergrond. Heb helaas voorbeeld gehad, waarbij school en buurt bang waren officiële melding te maken.
Kijk wie je kan helpen een oplossing te zoeken. Bijv. imam, huisarts.

Hoe kan ik kindermishandeling herkennen tijdens een kort consult op het consultatiebureau, Korte consulten zijn er nu ivm inhaalslag door corona maatregelen.
Als er vermoedens zijn, vragen stellen en/of vervolgspraak maken. Vraagt het een collega en zoek samen naar een de volgende stap ( de eerste twee stappen van de meldcode)

Ik ben benieuwd of Tessa denkt dat praktische laagdrempelige opvang zoals bijv 1 dag gebruik mogen maken van een kinderdagverblijf. Of dit er aan bij zou kunnen dragen om ook de niet werkende ouder te ontlasten.
Als preventie middel. Goed idee. De VVE-regeling (Voor- en Vroegschoolse Educatie) is ook toepasbaar bij zorgvragen. Kinderen vanaf 2 jaar kunnen hiervoor een indicatie krijgen van het consultatiebureau. Kinderen gaan 4 dagdelen naar een kinderopvang, waarvan de gemeente 2 dagdelen vergoedt. Vraagt dat na bij het consultatiebureau of bij je gemeente.

In mijn werk merk ik dat scholen/peuterspeelzalen/kinderdagverblijven het vaak lastig vinden om de meldcode te volgen en een melding te doen bij veilig thuis, ook bij duidelijke signalen/concrete uitingen. Wat denkt u dat er gedaan kan worden om het ook op dit soort plekken voor elkaar te krijgen dat men in de actie gaat en deze meldcode dus ook volg?
Maak gebruik van het zorgteam op School.