“Ik voelde me een product zoals op een lopende band”

Verona van de Leur

Verona van de Leur voelde meteen: deze coach is niet oké. Ze wilde stoppen met turnen, maar haar ouders zeiden dat ze moest doorgaan. Later begon ze het gedrag van haar nieuwe coach normaal te vinden. Anderen leken dat ook te doen. En bovendien: winnen is toch het belangrijkst? Nu weet ze wel beter: bij sporten gaat het om plezier.

Verona was in 2002 sportvrouw van het jaar. Ze was zestien, een kind eigenlijk nog. Haar leven speelde zich af in de turnhal. Dat ze niet zoals leeftijdgenoten naar feestjes kon, daar kon ze best mee leven. Maar niet met die voortdurende druk. “Je sportcarrière staat voorop. Je mag niet falen. Doe je dat wel, dan krijg je iedereen over je heen. Het maakt je een beetje gevoelloos. Ik voelde me een product, zoals op de lopende band.”

Coach vernederde haar

Pas later beseft ze: “Wat ik raar vond, dat ís ook raar.” Zoals mannen die aan haar lichaam zaten, ook op plekken waar dat helemaal niet nodig was. Mensen die ze kende en dacht te kunnen vertrouwen. Of haar coach die haar vernederde, en zelfs sloeg.

Achteraf gezien had ze gewild dat volwassenen niet wegkeken. Dat haar ouders haar gevoelens serieus hadden genomen. Dat ze, samen met andere vaders en moeders, naar de club waren gestapt. Dat ze hadden gezegd: zo kan het niet langer. En dat de club had opengestaan voor hun klachten.

Vertrouwenscontactpersonen voor elke club

Ze zou graag zien dat elke sportclub in Nederland minimaal twee vertrouwenscontactpersonen heeft. Een man en een vrouw. Mensen die onafhankelijk zijn, maar wel soms komen kijken bij de trainingen, zodat ze benaderbaar zijn. “Het is voor een kind heel wat om te zeggen dat er iets gaande is.”

Inmiddels vindt Verona sporten weer leuk. Ze rent en fietst veel. “Lekker buiten in de natuur. Dat is goed voor mijn gezondheid, geeft me energie en een blij gevoel.”

De ervaringen van Verona staan niet op zichzelf. Meer verhalen en informatie over grensoverschrijdend gedrag in de sport vind je op centrumveiligesport.nl

Verona staat tweehonderd procent achter de Taskforce Kindermishandeling. Daarom bood ze spontaan aan een videoboodschap voor ons te maken. In het filmpje deelt ze haar ervaringen. En ze vertelt hoe het anders kan en moet.

“Ik moest uren met een bord eten op de trap zitten”

Een foto van een slachtoffer van kindermishandeling

Kristel: “Ik groeide op in een gezin met een agressieve vader. Hij was een alcoholist, had depressieve gevoelens en kon de druk van het (gezins-)leven niet aan. Als hij teveel had gedronken en de grip verloor, schold hij ons voor alles en nog wat uit. Hij gebruikte lichamelijk geweld tegen mijn moeder. En later ook tegen mij. Ik kreeg onverwachtse tikken. Ik werd opgesloten in de kelder. Soms moest uren met een bord eten op de trap zitten. Het kwam ook voor dat hij ’s nachts met een riem naast mijn bed stond om mij te straffen. De buren moeten zijn stem door de muren heen hebben gehoord. Ik ben weleens in paniek naar buiten gerend toen hij een vork in mijn arm had gestoken. De buurman ving mij op. Maar uiteindelijk leek het of niemand ons hielp.

Het was mijn oom die mijn moeder, broer en mij (ik was 15 jaar) uiteindelijk uit huis haalde. Hij kwam net binnen, toen ik onderaan de trap lag na een duw van mijn vader. We waren fysiek veilig. Maar voor mijn gevoel begon het toen pas: ons gezin was uit elkaar. Mijn moeder en broertje werden opgevangen door de oom die ons uit huis heeft gehaald. Ik woonde bij een oom en tante aan de andere kant van de stad. Ik wist mij geen raad met al die spanning die ik al jaren in mijn lijf voelde.

Inmiddels ben ik volwassen en heb ik twee dochters. Ik heb met vallen en opstaan mijn weg moeten vinden. Ik heb verschillende relaties gehad met egocentrische mannen die (verbaal) agressief konden zijn. Ik wilde zo graag ‘huisje-boompje-beestje’. Ik was zorgzaam, volgzaam en opstandig tegelijk. Tijdens en na deze relaties en verschillende therapieën, besefte ik dat ik dat patroon moest doorbreken. Uiteindelijk koos ik echt voor mijzelf en verhuisde met mijn twee dochters. Die stap bleek de juiste. Ik creëerde een eigen thuis. Een paar jaar geleden kwam er een nieuwe partner in mijn leven.

Met mij gaat het nu goed. En ook met ons samengesteld gezin. Maar de stem van mijn vader komt nog wel eens voorbij als ik me onveilig of gestrest voel. Dan hoor ik hem weer zeggen: ‘Je bent helemaal niets waard.’ De impact van een onveilige jeugd is levenslang….”

“De WC was verstopt en ik moest in de badkuip mijn behoeftes doen.”

Een foto van een slachtoffer van kindermishandeling

Jeroen: “Het was echt verschrikkelijk, elke week vonden er afranselingen plaats. Als ik niet deed wat er gevraagd werd, kreeg ik gewoon een klap. Ik weet nog goed dat ik me in de badkamer had opgesloten en echt bang was dat mijn vader ons zou vermoorden. We waren blij dat we van mijn vader naar mijn moeder werden overgeplaatst, maar daar gebeurde hetzelfde. De WC was verstopt en ik moest in de badkuip mijn behoeftes doen. Mijn moeder verzorgde ons niet meer, er werd niet schoongemaakt, er was bijna geen eten. Het was verschrikkelijk. Ik heb toen verschillende gesprekken gehad met mijn leerlingbegeleider. Hij vroeg: Jeroen, wat wil je hier aan doen? Niks, ik wilde even helemaal niks. En hij luisterde naar mij. Als kind ben je loyaal naar je ouders en dat was ik ook naar mijn moeder toe, ongeacht dat we het zo slecht hadden. Uiteindelijk heeft mijn leerlingbegeleider besloten: nu stap je gewoon op. Je pakt je spullen en gaat gewoon weg daar. Dat heb ik gedaan. Door hem heb ik dingen ingezien en voor mezelf gekozen.”

Tips van Jeroen: 

  • Durf te vragen hoe het met iemand gaat
  • ‘lees’ tussen de regels door
  • Probeer contact te maken, niet één keer maar vaker zodat er een vertrouwensband ontstaat
  • Neem het kind als uitgangspunt en neem hem of haar serieus: handel niet halsoverkop als kinderen dat niet willen.